 
 |
- De mogelijkheid om haar lichaam te controleren is begonnen. Dit gaat van het hoofd naar beneden, en daarna van het midden naar de schoudes naar haar vingers, dan naar de heupen en daarna naar de tenen. Als je goed kijkt, kun je zien hoe eerst haar nek en dan de schouders en de rug aansterken.
- Wanneer ze zit, heeft ze nog maar weinig steun nodig en ze kan kort zonder steun zitten. De kracht is er wel, maar de balans nog niet altijd.
- Ze kan met haar rammelaar slaan en tegelijkertijd schreeuwen.
- Ze begint te kijken naar dingen die ze laat vallen.
- Ze doet mee in dingen die rond haar plaats vinden.
|
|
 |
 
 |
-
Speelgoed dat het kruipen aanmoedigt
-
Actie/reactie speelgoed
-
Speelgoed dat je kan stapelen
-
Speelgoed waar je tegenaan kan duwen of mee mee kan kruipen
-
Stoffen ballen
-
Liedjes en muziek
|
|