 
 |
- Hij vindt andere kinderen leuk, maar speelt niet met ze.
- Hij imiteert dingen zoals praten aan de telefoon, het duwen van een winkelwagentje.
- Hij verwacht jouw actie; hij steekt zijn arm uit wanneer je zijn jas aan doet.
- Hij verplaatst het ene voorwerp om het andere te zien dat erachter verstopt was.
- Hij maakt nu alleen maar de geluiden die hij hoort in zijn moedertaal.
- Hij begrijpt heel veel van wat er gezegd wordt.
- Hij affectie zien, geeft knuffels en kusjes en lacht.
|
|
 |
 
 |
-
Loopwagentjes en wagentjes waar je op kan zitten en mee rijden
-
Speelgoed dat de fysieke ontwikkeling en coordinatie stimuleert
-
Muzikaal speelgoed
-
Speelsets met dieren Interactieve voertuigen
|
|